Leidsche Rijn
De uitgestrekte nieuwe westwijk van Utrecht: een Romeins fortmuseum, een tuin van Piet Oudolf, drie stations en gezinskamers voor redelijke prijzen.
Nieuwe bakstenen woningen langs een kanaal en een breed fietspad in Leidsche Rijn, west-Utrecht
Waarom mensen in Leidsche Rijn verblijven
Leidsche Rijn is het grootste nieuwbouwproject van Nederland, ruwweg 30.000 woningen die sinds eind jaren negentig ten westen van het Amsterdam-Rijnkanaal zijn neergezet op wat de akkers van Vleuten en De Meern waren. Dat betekent baksteen die er nog nieuw uitziet, aangeplante bomen in hun onhandige puberfase, hoven, schoolgaande kinderen en heel veel bakfietsen. Het is niet pittoresk en het probeert ook niet oud te lijken. Wat het wel heeft, is ruimte, drie eigen treinstations en een van de best ontworpen parken van het land aan de westrand.
Dat park, het Máximapark, is de reden om hier te logeren. Het strekt zich vier kilometer uit langs de oude Leidsche Rijn, met een verhoogde beplante pergola, Het Lint, die eromheen loopt, een grote plas, boomgaarden en de Vlinderhof — een vasteplantentuin ontworpen door Piet Oudolf en onderhouden door vrijwilligers, gratis toegankelijk, op zijn mooist van eind juni tot oktober. Aan de zuidkant ligt Castellum Hoge Woerd, een reconstructie op ware grootte van het Romeinse fort dat hier ooit aan de Rijngrens stond, met een museum rond het opgegraven Romeinse schip De Meern 1, een theater en een café.
De avonden zijn huiselijk. Om negen uur zijn de straten rond Terwijde en Parkwijk schemerig, stil en schoon, met licht in de woonkamers en iemand die de hond uitlaat; op de pleintjes zitten een snackbar en een café die rond 22:00 sluiten. De ene plek met ambitie is het Berlijnplein in het nieuwe Leidsche Rijn Centrum, waar tijdelijke houten paviljoens clubavonden, theater en foodevenementen huisvesten, veel ervan gebouwd en herbouwd met hergebruikt materiaal — de meest bewust circulaire bouwplaats van de stad. Kijk wat daar geprogrammeerd staat voor je besluit dat de wijk saai is.
Boek Leidsche Rijn als je met een gezin reist, als je liever een heel appartement voor €90 tot €130 hebt dan een schoenendoos voor hetzelfde geld, of als je het Utrechtse buitengebied in fietst: Kasteel de Haar en de bossen van Haarzuilens liggen op 20 minuten en de Kromme Rijn en Woerden zijn makkelijk te doen. Sla het over als je twee dagen hebt en de middeleeuwse stad wilt zien, want dan zit je die dagen in de trein, en sla het over als nieuwe baksteen en rotondes je somber maken. Een oude binnenstad is hier niet, en is er ook nooit geweest.
De sterkste bases zijn Terwijde en Parkwijk, allebei op een paar minuten van hun eigen station en allebei grenzend aan het Máximapark; station Utrecht Leidsche Rijn in het nieuwere centrum is het handigst van de drie, maar de omgeving is nog half bouwterrein. Vleuten, helemaal in het westen, is de enige plek met een echte dorpskern, een zaterdagmarkt en een station met treinen naar Woerden en Leiden — de prettigste straten van de hele wijk voor een langer verblijf. Reken op €78 tot €120 voor een tweepersoonskamer en €100 tot €150 voor een tweekamerappartement, met de gebruikelijke piek in juli en een bodem rond €70 in januari. Vermijd alles aan de Vleutensebaan, de rand langs de A2 en adressen pal naast lopende bouw, en controleer of er ondergronds en tegen betaling geparkeerd moet worden, want bij veel van de nieuwere woningen kun je helemaal niet op straat parkeren.
Dingen om te doen in {region}
Aan de zuidkant van het Máximapark herbouwt Castellum Hoge Woerd het Romeinse fort op de oorspronkelijke plattegrond. Binnen toont het museum De Meern 1, een Romeins rivierschip dat vlakbij is opgegraven, naast vondsten van de Rijngrens. De entree is bescheiden, rond €8 tot €10, maandag gesloten, met een theater en een binnenplaatscafé waar je fatsoenlijk luncht.
Midden in het Máximapark ligt de Vlinderhof, een gratis vasteplantentuin naar ontwerp van Piet Oudolf, onderhouden door buurtvrijwilligers: grassen, zonnehoed, bijen en vlinders in absurde aantallen. Het hoogtepunt is eind juni tot begin oktober, en het licht is het mooist voor 10:00. Kom binnen bij de centrale plas van het park, bij de Binnenhof.
Het Lint is de verhoogde, beplante constructie die het Máximapark over zo’n 6 km omringt; je kunt het hele rondje fietsen of lopen zonder een auto tegen te komen. Klim de trappen op voor het uitzicht over de boomgaarden en de plas. Het sluit direct aan op het kanaalpad richting Vleuten, dus het vormt een goede ruggengraat voor een langere rit.
Vanaf Vleuten is het ongeveer 4 km naar het noordwesten door de landgoedbossen naar Kasteel de Haar, het fantastische door Cuypers gerestaureerde kasteel bij Haarzuilens. Kaartjes voor binnen kosten rond €20, alleen het park een stuk minder, en door de beukenlanen en langs de rood-witte landgoedhuisjes wandel je gratis. Reken op een halve dag.
In Leidsche Rijn Centrum is het Berlijnplein een tijdelijke cultuurplek van demontabele, grotendeels hergebruikte houten paviljoens met een wisselend programma van theater, clubnachten, workshops en eten. Niets is hier permanent, dat is het idee. Check het programma voor je gaat: op een lege dinsdag is het een leeg plein, op zaterdag de levendigste plek ten westen van het kanaal.
De centrale plas van het park en de Leidsche Rijn zijn de zomerse verkoeling van de wijk: kajaksteigers, aanlegplekken, in het seizoen een bewaakte zwemplek en lange grastaluds. Gratis, het drukst tussen 15:00 en 20:00 in juli. Neem je eigen board of boot mee, want de verhuur ter plaatse is beperkt en sluit in het voor- en naseizoen vroeg.
Wat te zien
Hotels bij Leidsche Rijn
Er staan nog geen hotels in Leidsche Rijn. De dichtstbijzijnde vind je op de regiopagina.
Elk hotel dat we in Leidsche Rijn behandelen
Je verplaatsen in Leidsche Rijn
Vanaf Schiphol neem je een directe intercity naar Utrecht Centraal, 35 minuten, daarna een sprinter westwaarts: Utrecht Leidsche Rijn is ongeveer 5 minuten, Terwijde 7, Vleuten 10, voor zo’n €2,30 tot €3, vier keer per uur. Sommige sprinters vanaf Schiphol via Amsterdam en Woerden bereiken Vleuten met één overstap. Bussen verbinden de deelwijken in 20 tot 25 minuten met Utrecht Centraal, maar fietsen is sneller en prettiger: het centrum ligt op 6 tot 7 km, zo’n 25 minuten, grotendeels over de vrijliggende route langs de Daphne Schippersbrug of door Lombok. Met de auto zit je binnen enkele minuten op de A2 en A12, en bij de meeste nieuwbouw parkeer je ondergronds tegen betaling.
Vragen over Leidsche Rijn
Nee, met de trein is het echt dichtbij: 5 tot 10 minuten vanaf de drie stations naar Utrecht Centraal, vier sprinters per uur, en dan 10 minuten lopen naar de Oudegracht. Het addertje zit in het laatste stuk aan jouw kant — reken op 5 tot 15 minuten lopen of fietsen tussen je kamer en het station, en bedenk dat de treinfrequentie 's avonds na een uur of 23:00 naar twee per uur zakt.
Terwijde en Parkwijk voor het park en snelle treinen, Vleuten als je een echt dorp met markt, cafés en oudere baksteen wilt, en Leidsche Rijn Centrum alleen als je het station voor de deur belangrijker vindt dan een afgebouwde omgeving. Mijd de randen langs de A2 en de Vleutensebaan vanwege het lawaai, en elk adres met actieve bouw ernaast.
Als je van aangelegd landschap houdt, ja. De Vlinderhof van Piet Oudolf is gratis en hoort tussen eind juni en oktober bij de beste vasteplantentuinen van het land, en de pergolalus van Het Lint over 6 km is een serieus stuk ontwerp. Combineer het met het Romeinse fortmuseum in Castellum Hoge Woerd aan de zuidkant en je hebt een volle, goedkope dag.
Met de fiets moeiteloos: ongeveer 4 km naar het noordwesten vanaf station Vleuten door het landgoed Haarzuilens, 15 tot 20 minuten over rustige weggetjes en landgoedpaden. Met het openbaar vervoer neem je de sprinter naar Vleuten en daarna een streekbus, die buiten het zomerseizoen weinig rijdt, dus check de tijden. Kaartjes voor het kasteelinterieur kosten rond €20, het park aanzienlijk minder, en in de winter is het op sommige dagen dicht.